My Architect (2003)

My ArchitectWil je bouwen voor de eeuwigheid, dan is vorm belangrijker dan inhoud. We kunnen immers nooit precies weten hoe antieke culturen zelf aankeken tegen de massieve stenen structuren die ze voortbrachten. We zullen nooit zeker weten welke plek deze gebouwen innamen in hun dagelijks leven. En al wisten we dit wel, dan zou dat op onze mening weinig invloed hebben. Onze waardering voor de alleroudste gebouwen is gebaseerd op hun monumentale kracht, tijdloze vormgeving, ingenieuze bouwtechnieken. Licht, evenwicht, textuur. Architect Louis Kahn (1901–1974) begreep dat heel goed. Zijn gebouwen, sereen en robuust, staan buiten onze tijd, lijken opgegraven te zijn uit de grond waarop ze staan.

In 2003 heeft Louis Kahns buitenechtelijke zoon Nathaniel een documentaire gemaakt over zijn vader, My Architect. Het is een wonderlijke, onevenwichtige mix van persoonlijke ontboezemingen, historische feiten en hagiografie, die misschien meer zegt over de zoon dan de vader. En dat is jammer. Want de vader was zoveel interessanter dan de zoon: een wereldberoemd architect, tijdens zijn leven legendarisch. Zet daar Nathaniel tegenover, een onbekende filmmaker met slechts een korte lijst documentaires op zijn naam. Natuurlijk is de vergelijking oneerlijk, zeker ook omdat Nathaniel zich door deze film te maken behoorlijk kwetsbaar opstelt. Maar dat zijn de risico’s van het vak. Een documentaire maken over je eigen vader is gevaarlijk terrein.

Het verschil tussen vader en zoon zit hem in artistieke precisie. Louis Kahn durfde de tijd te nemen, te schaven, na te denken, totdat een gebouw zijn perfecte verschijningsvorm had gevonden. Eerder ging er geen schop de grond in. Tijdens de bouw dreef zijn aandacht voor details ontwikkelaars en aannemers tot waanzin.

De zoon lijkt uit heel ander hout gesneden. My Architect is namelijk nogal slordig gemaakt. Er worden diverse filmstijlen willekeurig door elkaar gebruikt, de montage komt ruw en onaf over, en door een al te nadrukkelijke voice-over voelt de verhaalopbouw geforceerd aan. Alsof Nathaniel een boodschap in het materiaal wilde leggen die er niet in zat.

‘I’d like an arch.’

Louis zou daarop neergekeken hebben. Hij geloofde in puurheid, wilde het materiaal eerbiedigen. “If you think of brick, for instance, you say to brick: ‘What do you want, brick?’ And brick says to you: ‘I’d like an arch.’ And if you say to brick: ‘Look, arches are expensive, I can use a concrete lintel over you, what do you think of that?’ brick says: ‘I’d like an arch.’” Louis was streng, zoals een vader misschien wel hoort te zijn.

Louis Kahn deed het overigens bar slecht als vader, en nog slechter als echtgenoot. Hij heeft tijdens zijn huwelijk affaires gehad met een aantal vrouwen, onder wie de moeder van Nathaniel, landschapsarchitect Harriet Pattison. Louis hield ze evenwel allemaal op afstand. Toen een van zijn minnaressen vertelde dat ze zwanger van hem was, wimpelde hij haar af met de woorden: “You have to be philosophical about it.”

Kahn had voornamelijk aandacht voor zijn werk. Onvermoeibaar streefde hij ernaar vermogende klanten te vinden voor zijn utopische plannen, meestal tevergeefs. Hij had een voorliefde voor prestigieuze opdrachten. De kroon op zijn werk is dan ook het kolossale parlementsgebouw van Bangladesh. Hij heeft maar weinig woonhuizen ontworpen, en deze vormen het minst sterke deel van zijn oeuvre. Kahn was een architect van het grote gebaar.

Bescheiden interviewer

Nathaniel was elf jaar toen Louis overleed. In de documentaire zien we hoe Nathaniel zijn informatie-achterstand inhaalt: door de gebouwen, oude vrienden en familie van zijn vader een bezoek te brengen. Wie was deze man eigenlijk, die hij maar een paar keer in zijn leven heeft ontmoet? Wat is er écht waar van de verhalen die al die oude mensen vertellen over zijn vader? Nathaniel toont zich daarbij een bescheiden interviewer. Hij waakt ervoor de aandacht teveel op zichzelf te vestigen. We zien hem niet huilen, ook al laten enkele geïnterviewden hun tranen rijkelijk vloeien. Hij stelt soms kritische vragen, maar brengt niemand in verlegenheid. Hij bewaart gepaste afstand tot zijn dode vader.

Soms is het jammer dat Nathaniel niet wat doortastender heeft geprobeerd de waarheid boven water te krijgen. Alleen in een ongemakkelijk interview met zijn moeder Harriet, in de tuin van haar eenzame huis, durft hij door te vragen. Onderwerp van gesprek is Harriets overtuiging dat Louis van plan was voor haar te kiezen en te scheiden van zijn echtgenote. Dat is echter nooit gebeurd. Louis overleed plotseling op de terugweg van een zakenreis, op het openbare toilet van Penn Station in New York. Volgens Harriet was het zijn bedoeling geweest na deze zakenreis bij haar in te trekken en zijn vrouw in de steek te laten. Daarvoor zijn echter geen bewijzen. De waarheid heeft Louis mee het graf in genomen. Voor Harriet is het evenwel een zekerheid. Ze steunt erop, elke dag nog. Ze heeft na Louis nooit meer een andere man in haar leven toegelaten en praat over hem alsof hij net overleden is. Tijdens het interview uit Nathaniel zijn twijfels over haar lezing van de feiten. Hij ziet geen reden te geloven dat Louis ineens voor zijn moeder zou hebben gekozen en vraagt haar meermaals of ze dit werkelijk gelooft. Harriet voelt zich steeds ongemakkelijker, maar Nathaniel blijft doorvragen. Het is een van de weinige momenten dat hij overkomt als een documentairemaker.

Persoonlijk programma

Zijn onvermogen om tot de kern van zijn vader te komen, kunnen we ook in andere aspecten van de documentaire herkennen. Zo heeft Nathaniel een deel van de beelden van Louis’ bouwwerken zelf gefilmd, met een ouderwetse 16mm Bolex-camera. De beelden lijken amateuristisch: slecht gekadreerd en grauw van kleur. Ze doen geen recht aan de monumentaliteit, de weidsheid, de rust die de werken in het echt waarschijnlijk uitstralen. Ik weet niet waarom Nathaniel deze filmstijl heeft gekozen, maar het komt op mij eerder over als een uiting van nostalgie dan een poging om de gebouwen op hun best weer te geven.

Het lijkt erop dat Nathaniel niet heeft durven kiezen. Hij heeft gepoogd een film te maken die tegelijk een persoonlijk verslag is van de zoektocht naar zijn vader én een biografische film over een beroemd architect. In beide opzichten is de film niet volledig geslaagd. Nathaniels persoonlijke programma staat een zuivere blik op het werk van zijn vader in de weg.

Het moment waarop dit spagaat toevallig visueel is gemaakt, is Nathaniels bezoek aan de klaagmuur in Jeruzalem. Hij is daar om te spreken over het ontwerp voor de nieuwe Hurva-synagoge die Louis in 1968 heeft ontworpen, maar die nooit is gebouwd. We zien Nathaniel bij de klaagmuur rondlopen met zijn 16mm-camera in de hand. Hij wordt er door een suppoost op gewezen dat hij een keppeltje dient te dragen en krijgt een papieren exemplaar toegestoken. Met het keppeltje op zijn hoofd, symbool van zijn afkomst, probeert hij de klaagmuur te filmen. Maar telkens als hij zijn camera opricht om de hoogte in te filmen, waait het papieren keppeltje van zijn hoofd en moet hij erachteraan rennen, neus naar de grond. Het lukt hem niet om tegelijk zijn vader te eerbiedigen én zijn vak te beoefenen.

Ik ben bang dat My Architect geen eeuwig leven beschoren is. Het is een nuttige bron van informatie over Louis Kahn, maar als artefact is de waarde van de film beperkt. De eenvoudige rijkdom die de werken van Louis Kahn bevatten, lijkt weinig weerslag te hebben gevonden in het werk van Nathaniel. Misschien is het maken van deze documentaire een bevrijding geweest voor de zoon, maar als bewonderaar van de vader voel ik me tekort gedaan. Ik doe daar liever niet te sentimenteel over, hoe dapper Nathaniel ook is geweest.

Eerder verschenen op AFFR.nl