Antichrist (2009)

AntichristWaartoe dienen depressies? Er is geen gedraging zo gek, of er is wel een evolutionair psycholoog die vertelt dat zij ooit een praktisch nut had. Dat zij ons geholpen heeft te overleven op de Afrikaanse steppen, lang geleden, toen we nog monddood en harig waren.

Misschien is depressie bijvoorbeeld een manier om bewustzijn, en nadenken over je lot, en inzien hoe zinloos je handelen is, te begrenzen. Het is zo’n stopsignaal dat ons lichaam ons geeft als we overmatig zijn. Eet je te veel, dan krijg je buikpijn. Ren je te veel, dan krijg je spierpijn. Denk je te veel na, dan krijg je zielepijn. Depressie zorgt ervoor dat we simpel blijven en al te veel diepzinnigheid vermijden, en onze aandacht richten op overleven in de wereld, waarin roofdieren azen op ons slappe vlees.

Als dat waar is, dan zou Lars von Trier geen kans hebben gemaakt op de steppen van weleer: Antichrist (2009) is het product van een zwaar depressieve geest. Het maken van deze film was voor hem een vorm van zelftherapie.

“Two years ago, I suffered from depression. It was a new experience for me. Everything, no matter what, seemed unimportant, trivial. I couldn’t work. Six months later, just as an exercise, I wrote a script. It was a kind of therapy, but also a search, a test to see if I would ever make another film. The script was finished and filmed without much enthusiasm, made as it was using about half of my physical and intellectual capacity. The work on the script did not follow my usual modus operandi. Scenes were added for no reason. Images were composed free of logic or dramatic thinking. They often came from dreams I was having at the time, or dreams I’d had earlier in my life.” (bron: Persmap Cannes)

Logisch dus dat Antichrist onsamenhangend, wreed, koppig en waanzinnig is, en intrigerend op de meest morbide manier. De film veroorzaakt een hoop ophef: tijdens de première op het filmfestival van Cannes werd er gejoeld en gefloten, vanwege de schokkende beelden van genitale verminking en de soms lachwekkende pretenties van de filmmaker. (Antichrist is opgedragen aan Andrei Tarkovsky, om maar wat te noemen.)

Verteerd door schuldgevoelens

De film is prachtig digitaal geschoten en schaamteloos goed geacteerd, en verhaalt de geestelijke onttakeling van ‘She’ (Charlotte Gainsbourg). Tijdens een neukpartij met haar man ‘He’ (Willem Dafoe) valt hun zoontje zich te pletter uit het raam. Verteerd door schuldgevoelens jaagt ze zichzelf een depressie in. Haar man, die therapeut is, probeert haar te helpen. Hij besluit, in al zijn mannelijke wijsheid, dat ze zal genezen wanneer ze haar grootste angsten onder ogen durft te zien. Een soort shocktherapie. Daartoe trekken ze zich terug in de bossen, in hun vakantiehuisje genaamd ‘Eden’. Verdeeld in hoofdstukken met titels als ‘Grief’, ‘Pain’ en ‘Despair’ (belichaamd door een ree, een vos en een kraai) wordt het verhaal van haar gewelddadige ondergang verteld.

Mannen hebben maar al te vaak de neiging hun positie ten opzichte van vrouwen te bepalen in negatief beladen termen. Wellust, frustratie, objectificatie, superioriteit, walging, haat. Geen enkele beleidsnota of beleefdheidsvorm kan daarin verandering brengen.

Hierin lijkt kunst op het echte leven. Kunst die de vrouw als thema heeft, lijkt onder te verdelen in twee categorieën. Werken gemaakt door mannen, waarin uiting wordt gegeven aan wellust, objectificatie of walging. En werken gemaakt door vrouwen, waarin een reactie wordt gegeven op die mannelijke emoties. Het vrouwelijk lichaam is het strijdtoneel der seksen, maar het wapen wordt gekozen door de man.

Militant-feministisch

In Antichrist ervaren we de depressie van ‘She’, en het geweld dat daarvan het resultaat is, vanuit haar perspectief. De fysieke aanvallen op ‘He’ zijn militant-feministisch getint, bedoeld om de wellust en superioriteit van de man weg te nemen, om hem aseksueel en machteloos te maken.

Maar als blijkt dat haar geweld niet effectief is, en de man onoverwinnelijk, keert ze haar haat tegen zichzelf. Ze knipt haar klit af met een keukenschaar (in een hilarisch brute close-up) en vernietigt daarmee haar lustgevoelens.

Door die daad van automutilatie lijkt de visie van Von Trier plotseling misogyn. ‘She’ raakt ervan overtuigd dat haar lichamelijkheid de schuld is van de dood van haar kind. Want het was doordat ze zich in wellust verloor, dat hun kind onopgemerkt uit het raam kon vallen. Haar eigen lichaam is de aanstichter van haar verdriet, pijn en wanhoop, en moet gestraft worden. Door zichzelf te verminken laat ze zich vrijwillig onderdrukken, en accepteert ze het gelijk van de man. Rationaliteit overwint. De hysterica blijft verslagen achter.

De regisseur krijgt vaker het verwijt een vrouwenhater te zijn. Maar Von Trier zelf beweert bij hoog en laag dat hij zich juist altijd vereenzelvigt met de getormenteerde vrouwelijke hoofdpersonen in zijn films. Actrices vertrouwen hem volledig, en storten zich vol overgave in de wrede werelden die hij voor hen ontwerpt. En bovendien zijn er talloze, juist progressieve, filmliefhebsters die met hem weglopen. Modern feminisme blijkt een surreële jungle van dubbelzinnigheden, waarin Von Trier met genoegen verdwaald is geraakt. Is Antichrist belachelijk of belangrijk, vrouwonvriendelijk of post-feministisch? In ieder geval deel ik de mening van Manohla Dargis, filmcriticus van de New York Times, die, aldus Roger Ebert, na de première in Cannes That’s Entertainment neuriede toen ze de zaal uitliep.

Maar goed, als Von Trier (net als ‘He’) hoopte dat de confrontatie met zijn eigen angsten een louterend effect zou hebben, dan heeft hij verkeerd gegokt. Volgens de laatste berichten is hij nog steeds diep neerslachtig. Zijn creatief vruchtbare depressie lijkt een ironische vloek van het lot (een vrouw), als beloning omdat hij de kant van de vrouwen kiest — of als straf omdat hij dat niet doet.