Miami Vice (2006)

miami-viceJaren geleden was The Keep op televisie, een horrorfilm van Michael Mann uit 1983. Ik ging ervoor zitten; ik had Manhunter niet lang daarvoor gezien en was erg onder de indruk van de regisseur. Helaas, The Keep bleek een ongehoord slechte film te zijn. Het eerste deel van de film had nog een bepaalde overgestileerde charme, en de rollen van Ian McKellen als oude joodse man in een rolstoel en Gabriel Byrne als doortrapte Nazi hadden een hoog camp-gehalte. Maar na een minuut of twintig werd me duidelijk dat deze film niet in staat was zijn eigen ambities te dragen. Het verhaal had iets te maken met een occulte oerkracht, iets monsterlijks dat zich schuilhield in een citadel in de Karpaten, en een Messiasfiguur die het wezen kwam verslaan nadat het uit zijn eeuwenlange slaap was gewekt door de Nazi’s. Of zo. Ik weet het niet precies, want ik ben halverwege de film in slaap gevallen, en werd pas wakker door het lawaai van het mythische eindgevecht in de diepste krochten van de citadel, flitsend uitgelicht als ware het een nachtclub in Miami.

Cut to een nachtclub in Miami. Colin Farrell en Jamie Foxx schuiven gedecideerd en met stalen gezichten door de drommen, en ik weet niet wat er gebeurt of wat de bedoeling precies is, maar blijkbaar zitten ze achter boeven aan. Even later staan ze op het dak van de club — mijn god, wat ziet die lucht er mooi uit — en bespreken ingewikkelde dingen via een mobieltje. Waar ben ik eigenlijk? Wie zijn die mensen? Hoe ben ik hier verzeild geraakt?

Michael Manns eerste bioscoopfilm was Thief in 1981, met James Caan; daarop volgde The Keep. In 1986 kwam zijn doorbraak als filmregisseur met Manhunter. Daarna een rij louter successen: Last of the MohicansHeatThe InsiderAliCollateral. En nu Miami Vice (2006). Dat lijstje is belangrijk, omdat het zo kort is. Slechts negen speelfilms in 25 jaar. Dat maakt hem fris in de ogen van het publiek. Hij lijkt net te zijn begonnen. Terwijl hij drie jaar ouder is dan Spielberg de Cinematosaurus.

Geen sokken in je schoenen

Na de geflopte release van The Keep begon Michael Mann met de productie van de invloedrijkste televisieserie van de tachtiger jaren, Miami Vice. (Hij ontwikkelde in diezelfde jaren ook Crime Story, de beste tv-serie die ik ken, terecht legendarisch.) Miami Vice was hard, snel en propvol testosteron. Ik denk niet dat de afzonderlijke afleveringen werkelijk spannend waren. Ze waren wel eindeloos fascinerend, omdat we inzage kregen in een glamourwereld waar het cool was om de mouwen van je colbert op te rollen, en een toonbeeld van stijl om geen sokken in je schoenen te dragen. Een sprookje dus. Mann produceerde de serie; regisseren liet hij aan anderen over, onder wie, heel verrassend, de Nederlander Ate de Jong (Een Vlucht RegenwulpenBrandende Liefde).

Misschien was het slechts een kwestie van tijd dat ook Miami Vice het tot een speelfilm zou schoppen, zoals inmiddels zo veel oude televisieseries. Dat Michael Mann zelf de honneurs zou waarnemen was een prettig vooruitzicht. Nu het product gearriveerd is, moet ik lang en diep nadenken wat ik ervan vind.

Duivels gearticuleerd

De cinematografie is verbluffend. Ik was betoverd. Door slim gebruik te maken van de mogelijkheden van de digitale camera hebben director of photography Dion Beebe en editors William Goldenberg en Paul Rubell een visie neergezet die tegelijkertijd aards en glossy is. Neon is nog nooit zo gruizig geweest. Er zitten onscherpe close-ups in, kubistische uitsnedes, onwezenlijke jump cuts, spastische pans, die zo duivels gearticuleerd zijn, dat ik alles om mij heen vergat. Tenminste, totdat ik de bioscoop verliet.

Van een plot is nauwelijks te spreken. Het is een stapeltje misdaadcliché’s dat als een beduimeld pak kaarten geschud wordt door de verveeldste der croupiers. We weten allemaal hoe dit spelletje werkt, dus de regels worden niet meer uitgelegd. Investeren in karakterontwikkeling of persoonlijke achtergrond is er niet bij.

Dat was een minder groot probleem geweest als de film goed was gecast. Colin Farrell als Crockett is verschrikkelijk. Hij is leeg, onbenullig, uncool. Jamie Foxx als Tubbs is ietsje beter, maar alleen in vergelijking met zijn partner. Slechts Li Gong komt er goed vanaf als hautain gangsterliefje. Zij is de meest bedreigende figuur in Miami Vice. De gangsters zelf zijn van bordkarton.

Als mijn oordeel ietwat hard overkomt, dan is dat omdat ik hoge verwachtingen heb. Michael Mann heeft het verdiend dat wij zijn films goed bestuderen. Hij weet wat textuur is, gelaagdheid, vorm. Hij kan dialogen laten knetteren. Als ik Miami Vice als geïsoleerde film zou beoordelen, ontwaar ik slechts lege stijlfiguren, een humorloze machohouding en een regisseur die denkt serieus over te komen door plotlijnen te bedelven onder kunstgrepen. Dan lijkt Mann niet veel geleerd te hebben tussen The Keep en Miami Vice. Maar dat is niet eerlijk. Daarom bekijk ik deze film met meer empathie: als een sierlijk krabbeltje in de kantlijn van een van de belangrijkste carrières in de moderne filmkunst.