Julianne, we hangen aan je lippen

Als Julianne Moore niet onlangs een Oscar had gewonnen voor haar hoofdrol in Still Alice, zou het de meesten misschien ontgaan zijn dat een van de twee regisseurs van de film, Richard Glatzer, onlangs is overleden aan ALS. Want Still Alice (geregisseerd en geschreven door Glatzer en zijn echtgenoot Wash Westmoreland) is geen opvallende film. Het is een bescheiden portret van de briljante linguïst Alice Howland, die op haar vijftigste ontdekt dat ze Alzheimer heeft.

StillAliceSpeech
De film is doordrenkt van de ervaringen van Glatzer: aftakeling op betrekkelijk jonge leeftijd en bewust afscheid moeten nemen van je dierbaren. Centraal staat hoezeer je eigenwaarde bepaald wordt door het vermogen jezelf verbaal te uiten. Alice was zo gewend om voor groepen te staan en vol vuur te vertellen over de complexiteit van taal, dat het extra schrijnend is om haar te zien zoeken naar zelfs de namen van haar kinderen.

Na haar diagnose stapt Alice nog slechts éénmaal op het podium. Niet als linguïst, maar als Alzheimerpatiënt, om over de ziekte en haar achteruitgang te praten voor een groep van andere patiënten en hun dierbaren.

Speeches in films zijn moeilijke scènes, omdat ze vaak te prekerig en plat worden. Als een personage opstaat om een toespraak te houden, kun je er donder op zeggen dat hij het thema van de film gaat uitleggen. De filmmakers of acteurs kunnen dit oplossen door extra laagjes aan te brengen in de toespraak. Toespraken zijn namelijk een prachtig vehikel om te spelen met subtekst: de betekenis die onder het oppervlak van de letterlijke woorden ligt. Reden om eens te kijken naar een aantal toespraakscènes van Julianne Moore en te ontdekken wanneer ze kiest subtekst in te zetten en wanneer niet.

Zelfspot en gêne

The Kids Are All Right (Lisa Cholodenko, 2010) gaat over een lesbisch stel (Julianne Moore en Annette Bening) met twee kinderen van een anonieme spermadonor. Als de kinderen hun biologische vader (Mark Ruffalo) opzoeken en hij geleidelijk een rol gaat spelen in het gezinsleven, worden alle relaties op scherp gezet. Het huwelijk dreigt uiteen te vallen. Maar dan stapt Jules (Julianne Moore) de huiskamer in, waar Nic (Annette Bening) en de twee kinderen tv zitten te kijken, en vertelt hun dat ze haar relatie met Nic wil redden.

Een minder goede actrice zou de toespraak brengen met de letterlijke intentie die in de tekst besloten ligt: smekend en emotioneel. Maar Moore maakt een andere keuze. Ze laat haar personage zich tegelijkertijd ook generen, omdat Jules inziet hoe larmoyant het overkomt om je gezin toe te spreken. Dus ze hakkelt, durft niemand aan te kijken, worstelt zich erdoorheen.

Als Moore de scène rechttoe-rechtaan had gespeeld, was het een draak van een speech geweest. Door subtekst toe te voegen in de vorm van zelfspot en gêne voelt de scène realistisch en menselijk aan. En omdat de subtekst de tekst niet ondermijnt, behoudt de scène toch de bedoelde dramatische impact.

Wat dit voorbeeld extra fascinerend maakt, is dat in de letterlijke tekst van haar toespraak geen hint te vinden is van de subtekst. De extra betekenis zit hem uitsluitend in de manier waarop Moore de tekst uitspreekt.

Verward en verlegen

De tweede speech van Moore komt uit Safe (Todd Haynes, 1995), een fascinerende film over Carol, een welgestelde, nogal neurotische vrouw met een breed spectrum aan onverklaarbare kwaaltjes. Ze heeft het vermoeden dat haar slechte gezondheid het resultaat is van blootstelling aan moderne gifstoffen zoals uitlaatgassen en cosmetica. Dan ontdekt ze “Wrenwood”, een new-age-gemeenschap waar mensen wonen met dezelfde klachten als Carol. Ze hebben zich teruggetrokken in een kampement, ver weg van de stad. Carol laat haar man en stiefzoontje achter om zich in deze commune te vestigen.

Is Carol werkelijk allergisch voor stadsvervuiling? Of is het voor haar een manier om te ontsnappen aan het verstikkende, keurige leven dat ze leidt? Je neigt er al gauw naar het laatste te denken omdat ze door het spel van Julianne Moore zo kwetsbaar oogt: ineengedoken houding en zenuwachtige piepstem. Door haar gedrag herinnert ze haar omgeving er continu aan dat ze voorzichtig behandeld dient te worden. Daarom vindt ze de commune zo fijn: ze verdwijnt in een groep gelijkgezinden, waar haar gecompliceerde gedrag de norm is.

De toespraakscène in Safe vindt plaats tijdens haar eerste verjaardag binnen de gemeenschap. De andere bewoners hebben een verrassingsfeestje voor haar georganiseerd. Carol krijgt tijdens het feestje het woord en geeft een onvoorbereid toespraakje, zoals mensen doen in zo’n situatie. Ze kiest ervoor de groep gelijkgezinden te bedanken dat ze in hun midden kan leven en doet een poging uit te leggen wat het belang van deze groep voor haar is. Maar ze komt er niet uit. Nu van haar verwacht wordt dat ze zich uitspreekt over haar motieven, wordt het duidelijk dat die flinterdun zijn. Eigenlijk weet ze zelf niet waarom ze hier is.

Julianne Moore laat Carol verward en verlegen zijn. Hierdoor krijgt haar bedankspeech een grotere lading: we begrijpen dat haar ontsnapping aan de stadse omgeving eigenlijk een ontsnapping is aan andere mensen. Haar lichamelijke klachten nemen misschien af, maar ze kan zich nog steeds niet staande houden. Haar zwakheden neemt ze mee, waar ze ook heenvlucht. Door de reacties van de mensen om haar heen wordt ze daar steeds aan herinnerd. Zie ook hoe Moore zich heeft gepositioneerd ten opzichte van de andere acteurs: geïsoleerd en klein. Zelfs deze gelijkgezinden voelen de behoefte om haar te troosten en betuttelen, waardoor ze zich wederom niet “normaal” voelt. Alleen als ze alleen is voelt ze zich niet geïsoleerd. Al die informatie ligt besloten in de tekst én wat Moore ermee doet.

Rechttoe rechtaan

En dan Still Alice. Zoals gezegd is de speech voor oud-hoogleraar Alice een breuk met haar verleden. Vroeger was spreken in het openbaar haar beroep, maar nu is het een strijd met haarzelf. Ze moet met een stift bijhouden op haar blaadjes wat ze al heeft voorgelezen, omdat ze anders na één zin al de draad kwijt is. Van de drie toespraakscènes is dit de meest expliciete. De speech gaat over hetzelfde onderwerp als de film: Alzheimer.

Toch voelt het niet als een geconstrueerd moment, omdat de vorm klopt bij de rest van de film. Still Alice is een directe film, waarin Alzheimer op een eerlijke, compromisloze en onsentimentele manier wordt gepresenteerd. Juist dat maakt de film zo pijnlijk én zo goed.

Als deze speechscène sterker gedramatiseerd zou zijn door middel van subtekst, bijvoorbeeld door te impliceren dat ze hier eigenlijk niet wil zijn, of door haar de speech te laten gebruiken om een conflict met een ander personage uit te vechten, dan zou dat juist gekunsteld overkomen. Glatzer, Westmoreland en Julianne Moore kozen er daarom voor deze speech recht uit het hart te laten komen, om uitdrukking te geven aan de pijn van Alice en die van Richard Glatzer zelf. Hoe moeilijk het ook moet zijn geweest voor Glatzer om met deze film zijn eigen worsteling publiek te maken, hij heeft de juiste keuze gemaakt. Net als Julianne Moore.

Eerder verschenen op Cineville.nl

Leave a Comment